6.2.4 Uitkering bij ziekte en arbeidsongeschiktheid ontstaan na ontslag

  1. De ex-werknemer die:
    a. geen recht heeft op het bepaalde in artikel 5.4.6 tot en met 5.4.17 over de WW periode; en
    b. minimaal 2 maanden zijn functie heeft uitgevoerd, en die binnen een maand na de datum van zijn ontslag door ziekte ongeschikt wordt een naar aard en omvang soortgelijke functie te vervullen en daarom een uitkering volgens de Ziektewet ontvangt;
    heeft recht op een aanvullende uitkering tot uiterlijk 52 weken na de aanvang van zijn ongeschiktheid. Deze aanvullende uitkering mag niet lager zijn dan die hij volgens artikel 5.4.17 zou hebben ontvangen als dat artikel voor hem zou gelden.
  2. Voor de aanvulling op de uitkering volgens de Ziektewet geldt het verplichtingen– en sanctieregime van de Ziektewet.
  3. Dit artikel geldt niet voor de gevallen die worden genoemd in artikel 6.2.3 lid 3.